Oorzaak en gevolg van de Eerste Wereldoorlog
De Tweede Wereldoorlog kwam niet zomaar uit de lucht vallen. Eind 19e eeuw legde het imperialisme en nationalisme de basis voor een explosieve sfeer in Europa. In 1914 werd een politieke moord op de troonopvolger van Oosterijk-Hongarije gepleegd. Dit was voor veel Europese landen een mooie gelegenheid om de oorlog aan elkaar te verklaren. De Eerste Wereldoorlog was het gevolg. Deze uitputtingsslag werd uiteindelijk verloren door de bondgenoten Duitsland en Oostenrijk-Hongarije. Oostenrijk-Hongarije zou voortaan als twee aparte staten door het leven gaan. Duitsland moest gebieden afstaan aan Frankrijk, België, Denemarken en Polen. Bovendien werd het Rijnland door de geallieerden bezet en mocht Duitsland geen eigen leger meer hebben. Tot slot moest Duitsland alle oorlogsschade betalen. Als Duitsland, zonder tussenkomst van de Tweede Wereldoorlog, aan de herstelbetalingen had moeten voldoen, waren deze pas in 1961 afbetaald. De gevolgen van de Eerste Wereldoorlog leidden tot grote ontevredenheid bij de Duitse bevolking. Deze ontevredenheid bleek een uitstekende voedingsbodem voor extreem linkse en rechtse groeperingen. Zo vormden de gevolgen van de Eerste Wereldoorlog de aanleiding voor het ontstaan van de Tweede Wereldoorlog. Uiteindelijk wist Hitler en zijn Nationaal-Socialistische Duitse Arbeiderspartij (NSDAP) in 1933 de macht te grijpen. Het leger werd opnieuw opgebouwd en Oostenrijk ingelijfd bij Duitsland. In 1939 bezette het Duitse leger Tsjechoslowakije. Vele landen zouden nog volgen en een tweede wereldoorlog leek onomkeerbaar.
Bezetting Nederland
's Ochtends vroeg op vrijdag 10 mei 1940 vielen Duitse troepen ons land binnen. Het Nederlandse leger bood de nodige tegenstand, maar tegen het modern bewapende Duitse leger kon het geen stand houden. Onder dreiging van een bombardement op Rotterdam gaf de Nederlandse legerleiding zich over. Op 14 mei capituleerde Nederland en kwam onder Duits bestuur te staan.
Operatie Overlord
Tijdens de Duitse bezetting van Europa werden in Engeland de voorbereidingen getroffen voor een grootscheepse bevrijdingsactie: operatie Overlord. Duizenden soldaten van verschillende nationaliteiten ondergingen in Engeland een intensieve training. Miljoenen tonnen aan materieel, honderden tanks en talloze voertuigen werden gereedgemaakt voor D-day. De datum voor de inval werd strikt geheim gehouden. Een jaar voorafgaand aan de invasie verstrekte het Franse verzet aan het geallieerde opperbevel de nodige gegevens over de landingsplaatsen. Voor de oversteek van Engeland naar Frankrijk scheepten meer dan 180.000 soldaten in op 5000 vaartuigen. Operatie Overlord moest plaatsvinden op de stranden van het Franse Normandië. Over een lengte van 90 kilometer zouden zes divisies (145.000 man) een aanval uitvoeren op vijf landingsstranden. Luchtlandingsdivisies (ca. 25.000 man) werden achter de landingsstranden gedropt om daar de strategische punten in te nemen.
D-day, 6 juni 1944
Op 6 juni was het dan eindelijk zover. Het was the day: D-day. Twee Amerikaanse divisies (ca. 60.000) landden op stranden die de codenaam Utah en Omaha droegen. De landing op Utah-beach verliep voorspoedig en binnen één uur hadden de Amerikanen het strand onder controle. Er vielen 200 doden. De strijd op het andere Amerikaanse strand verliep anders. Daar werd gedurende een dag felle strijd geleverd en er vielen maar liefst 2000 slachtoffers. Op de landingstranden Sword en Gold van de Engelse divisies (ca. 60.000 man) verliep alles volgens plan. De Canadezen (ca. 25.000) die op het landingsstrand Juno zouden landen stuitten op heftig Duits verzet. Ondanks het hoge dodental van 1200 man wisten de Canadezen in de loop van de middag toch het binnenland in te trekken.
Bevrijding van Europa
Langzaam maar zeker schoven de geallieerde troepen door Frankrijk. Vanuit Italië, waar op september 1943 al een succesvolle invasie had plaatsgevonden, trokken geallieerde troepen noordwaarts. Deze troepen voegden zich bij de soldaten die vanuit Normandië oostwaarts trokken. Andere eenheden trokken vanuit Normandië noordwaarts richting België en Nederland. Begin september 1944 kwam het geallieerde leger tot stilstand rond de Belgisch- Nederlandse grens. Ook oostwaarts stokte de geallieerde opmars. Door de in 1938 aangelegde Duitse Siegfriedlinie lukte het de geallieerden niet om direct door te stoten naar het hart van Duitsland. Op 22 juni openden de Russen een groot offensief op het oostfront. In zes weken tijd stonden zij in Polen. Terwijl de bevrijding van geheel Europa nog even op zich zou laten wachten, had Adolf Hitler enkele gevoelige klappen te verduren gekregen.
Geallieerde troepen wisten na een succesvolle invasie een groot gedeelte van Frankrijk en België te veroveren. Doorstoten naar Berlijn was er niet bij. In 1938 hadden de Duitsers de Siegfriedlinie aangelegd. Deze linie beschermde de westgrens van Duitsland en liep van Kleef bij de Nederlandse grens tot Weil am Rhein bij de grens met Zwitsersland. De Amerikaanse legerleiding was er voorstander van om op een breed front de Siegfriedlinie aan te vallen en hier doorheen te breken. Het was echter de Britse legeraanvoerder Montgomery die met een ander plan kwam. Hij stelde voor om de Siegfriedlinie links te laten liggen. Met een omtrekkende beweging via Nederland kon de linie worden omzeild. Eenmaal in Nederland was het mogelijk om via de Duitse laagvlakten door te stoten naar Berlijn. Om het plan succesvol uit te voeren was het nodig om Arnhem te veroveren. Het plan werd uiteindelijk aangenomen door de geallieerde legerleiding en kreeg de codenaam Operatie Market Garden. Binnen een recordtijd van 7 dagen werden de troepen klaar gestoomd voor de operatie.
Operatie Market Garden
Deze operatie was een kans om een snel einde aan de oorlog te maken. Het doel van de operatie was het bezetten van de bruggen over de rivieren vanaf de Belgische grens tot aan Arnhem. Via een grootschalige luchtlandingsoperatie (Market) moesten de bruggen door geallieerde troepen bezet worden. Een grondoffensief (Garden) zou binnen twee dagen Arnhem moeten bereiken. Op zondag 17 september 1944 landde de 101st U.S. Airborne Division bij Eindhoven, de 82nd U.S. Airborne Division bij Nijmegen en de British First Airborne Division bij Arnhem. De opmars van de Britse tankdivisie richting Arnhem verliep veel te traag. Ze kregen onverwacht sterke tegenstand van Duitse troepen. Na twee dagen bereikten de geallieerde troepen Nijmegen. Op 20 september veroverden de 82nd U.S. Airborne Division en de British Guards Armored Division de Waalbruggen en werd de stad bevrijd. De operatie had nu al vertraging opgelopen en men was Nijmegen nog niet voorbij. De geallieerde troepen lukte het niet om Arnhem te bereiken. Ook de luchtlandingstroepen die in Arnhem waren gedropt verkeerden in een penibele situatie. Eén groep had het bruggenhoofd in het centrum van de stad bezet, maar de andere troepen zaten vast nabij Oosterbeek. Doordat de radioapparatuur niet werkte, kon er geen contact met elkaar gemaakt worden en ook de zweefvliegtuigen met de jeeps waren verongelukt. Bovendien bleken de Duitse troepen sterker dan voorzien. De geallieerden gingen er van uit dat dit deel van Nederland werd bewaakt door ongemotiveerde Duitse soldaten. In werkelijkheid waren in de bossen rond Arnhem twee SS Pantserdivisies gelegerd. De British Airborne Division in het centrum van Arnhem moest zich overgeven aan de Duitsers. De Britten in Oosterbeek zagen kans om op 26 september in het holst van de nacht de andere zijde van de Rijn te bereiken. Maar 20% van deze manschappen wist heelhuids terug te keren. Het veroveren van de brug bij Arnhem bleek een brug te ver. Operatie Market Garden was mislukt.
Ondanks het feit dat Market Garden een mislukking was geworden, werd een gedeelte van zuid Nederland bevrijd. Op 20 oktober startte Operatie Pheasant om midden en west Brabant te bevrijden. In deze maanden werd er zwaar strijd geleverd om de Zeeuwse eilanden Zuid-Beveland en Walcheren op de Duitsers te veroveren. De bewoners van zuid Nederland zouden hun kerstfeest zonder de Duitse bezetting vieren.
Dit was niet het geval voor de bevolking van midden en noord Nederland. Zij zouden een strenge winter tegemoet gaan. Het Duitse leger had zich ondertussen terug getrokken achter de grote rivieren. Om het het Duitse leger extra moeilijk te maken riep de Nederlandse regering in Londen het spoorwegpersoneel op tot een staking. Zij hoopten zo dat de Duitsers moeilijker troepen en voedsel konden aanvoeren. Het pakte echter anders uit. De Duitsers beantwoorden de spoorwegstaking met een verbod van zes weken op al het scheepvaartverkeer. Voedsel en brandstof konden bezet Nederland niet meer bereiken.
Hongerwinter
De hongerwinter had twee belangrijke oorzaken: gebrek aan voedsel en de strenge kou. In de grote steden was al snel een tekort aan producten; een hongersnood dreigde. Ook het weer werkte niet mee. De winter begon erg vroeg en er was veel sneeuw en vorst. Om de kachels warm te houden werd overal hout vandaan gehaald. Bomen werden gekapt en tuinhekjes verdwenen in de kachel. Alles wat brandbaar was, werd opgestookt. Om de mensen te helpen werden gaarkeukens ingericht. Hier konden mensen een maaltje komen ophalen. Maar ook in de gaarkeukens was voedsel schaars. Uitgehongerde mensen stonden in de lange rijen te wachten voor een dun soepje of waterige hutspot. Sommigen probeerden zelfs van tulpenbollen en suikerbieten eten te maken.
Hongertochten
In principe was er in Nederland geen tekort aan eten. Op het platteland was de oogst goed geweest. Het grote probleem was het vervoer van het platteland naar de stad. Door het Duitse verbod op het scheepvaartverkeer bleven de landbouwgoederen op het land liggen. Om het rotten te vertragen bedekten Groningse boeren de bergen aardappelen met aarde. Omdat het eten niet naar de stedelingen kwam, gingen de mensen zelf naar het voedsel toe. Vanuit de stad ondernamen talloze mensen hongertochten. Te voet of op een fiets met houten banden trotseerden zij op hun zoektocht naar voedsel de extreme kou. De boeren gaven soms eten zonder er iets voor te vragen. Anderen ruilden alleen tegen veel geld of kostbaarheden en profiteerden zo van andermans ellende.
Voedseldroppings
In april spraken de geallieerden met de Duitsers af om de uitgehongerde bevolking van West Nederland van voedsel te voorzien. Operatie Manna ging op 29 april van start. Voedseldroppings vonden plaats op verschillende plekken in West Nederland: Ypenburg, Valkenburg, Duindigt, Terbregge, Gouda, Schiphol, Vogelenzang, Bergen, Hilversum en Utrecht. Operatie Manna kondigde tevens het einde van de oorlog aan. Op 5 mei capituleerden de Duitsers in Nederland. Voor 20.000 mensen kwam dit te laat, zij stierven tijdens de hongerwinter.
Terwijl de Engelsen, Amerikanen en Canadezen vanuit het westen de Duitsers belaagden, vielen de Russen vanuit het oosten aan. In 1943 versloegen de Russen het Duitse zesde leger bij Stalingrad en tientallen pantserdivisies bij Koersk. Deze overwinningen zou het keerpunt betekenen in de oorlog aan het oostfront. De door de Duitsers veroverde gebieden in Rusland werden heroverd en op 22 juni 1944 werd een groot offensief gestart. In de daaropvolgende maanden werden Polen, Tsjechoslowakije, Bulgarije, Hongarije, Oostenrijk en Joegoslavië bevrijd door de Russen. In januari 1945 vielen de geallieerden Duitsland binnen. Om de Duitsers tot een overgave te dwingen werd op 13 februari 1945 Dresden gebombardeerd. In maart werd de omgeving van Berlijn bereikt, maar pas op 2 mei viel Berlijn in Russische handen. Op 24 april ontmoetten Russische troepen de vanuit het westen oprukkende Amerikanen.
Bevrijding van Nederland
Ondertussen leverden de Engelsen en Canadezen in ons land harde gevechten met de nog resterende Duitse troepen. Vanuit het Duitse Rijnland trokken de geallieerden op 28 maart Nederland binnen. Gelderland, Overijssel, Drenthe, Groningen en Friesland werden bevrijd. Vanuit de Grebbelinie bij Rhenen wisten de Duitsers de geallieerden tegen te houden. Hierdoor konden de geallieerden niet doorstoten naar west Nederland. Om de bevolking te sparen besloten de Canadese troepen niet verder te trekken. Op 29 april stond de Duitse bevelhebber in Nederland voedseldroppings toe. Wel gaf hij zijn manschappen de opdracht om erop te letten dat er geen parachutisten uit de vliegtuigen zouden springen. Op 4 mei 1945 was het dan eindelijk zover. Veldmaarschalk Montgomery aanvaardde in zijn hoofkwartier op de Lunerbergerheide de overgave van de Duitse troepen in noordwest Europa. In Nederland ontstond op de valreep nog een lastige situatie. De Duitse bevelhebber generaal Blaskowitz vond dat de overgave niet gold voor de Duitse troepen in west Nederland. Tijdens besprekingen in hotel De Wereld in Wageningen accepteerde Blaskowitz alsnog de overgave. Nederland was na vijf lange jaren bezetting eindelijk weer vrij. Twee dagen later, op 8 mei 1945, werd in Berlijn de onvoorwaardelijke overgave door het Duitse opperbevel getekend.
